Extra belasting op leaseauto’s vanaf 2027: zo werkt de pseudo-eindheffing
Vanaf 1 januari 2027 krijgen werkgevers te maken met een extra belasting wanneer zij een benzine-, diesel- of hybride personenauto aan een werknemer ter beschikking stellen voor privégebruik of woon-werkverkeer. Deze werkgeversheffing heet officieel de pseudo-eindheffing voor fossiele personenauto’s.
Bij een volledig kalenderjaar bedraagt de heffing 12% van de cataloguswaarde. Voor een auto met een cataloguswaarde van €40.000 betekent dat €4.800 extra belasting per jaar. Dat bedrag komt boven op de bestaande kosten van de auto.
Elektrisch leasen wordt niet wettelijk verplicht. Niet-uitstootvrije personenauto’s worden voor werkgevers echter wel duurder. Het is daarom verstandig om leasecontracten, het mobiliteitsbeleid en de benodigde laadinfrastructuur tijdig opnieuw te beoordelen.
Laatst bijgewerkt: 21 juli 2026
Inhoudsopgave blog
- De extra belasting op leaseauto’s in 2027 in het kort
- Wat is de pseudo-eindheffing en wie betaalt deze?
- Voor welke auto’s geldt de extra belasting?
- Hoeveel bedraagt de extra belasting op een leaseauto?
- Wanneer gaat de regeling in en hoe werkt het overgangsrecht?
- Welke aanpassingen zijn in juni 2026 voorgesteld?
- Wordt elektrisch leasen verplicht vanaf 2027?
- Zo bereidt u uw wagenpark voor op 2027
- Welke laadinfrastructuur heeft een elektrisch wagenpark nodig?
- Uw wagenpark voorbereiden op elektrisch rijden?
- Veelgestelde vragen over de extra belasting op leaseauto’s in 2027
De extra belasting op leaseauto’s in 2027 in het kort
- De regeling gaat in op 1 januari 2027.
- De werkgever betaalt bij een volledig jaar 12% van de cataloguswaarde.
- De heffing geldt voor benzine-, diesel- en hybride personenauto’s.
- Woon-werkverkeer telt voor deze regeling als privégebruik.
- Zowel leaseauto’s als personenauto’s uit het eigen wagenpark kunnen eronder vallen.
- De werkgever mag de belasting niet doorberekenen aan de werknemer.
- Volledig uitstootvrije personenauto’s vallen niet onder de heffing.
- Voor auto’s die vóór 1 januari 2027 al door dezelfde werkgever ter beschikking zijn gesteld, geldt overgangsrecht.
De vastgestelde overgangsregeling loopt tot 17 september 2030. Het kabinet heeft in juni 2026 voorgesteld deze termijn te verlengen tot 1 januari 2031 en enkele praktische uitzonderingen toe te voegen. Deze aanpassingen moeten nog wettelijk worden uitgewerkt. Controleer daarom altijd de actuele stand van zaken.
Wat is de pseudo-eindheffing en wie betaalt deze?
De pseudo-eindheffing is een aanvullende belasting die de werkgever via de loonheffingen betaalt. De regeling geldt wanneer een werkgever een niet-volledig uitstootvrije personenauto aan een werknemer ter beschikking stelt en deze auto ook voor privédoeleinden of woon-werkverkeer mag worden gebruikt.
Dat is breder dan de normale betekenis van privégebruik. Een werknemer die de auto verder alleen zakelijk gebruikt, maar er wel mee tussen de woning en een vaste werklocatie rijdt, kan de heffing al activeren.
Het maakt niet uit of de auto wordt geleaset of eigendom is van de werkgever. Ook een personenauto uit het eigen wagenpark kan onder de regeling vallen. De werkgever mag de heffing niet direct of indirect op de werknemer verhalen.
Geen bijtelling van 12%
De pseudo-eindheffing is niet hetzelfde als de reguliere bijtelling. De bijtelling beïnvloedt het belastbare loon van de werknemer. De pseudo-eindheffing is een afzonderlijke werkgeverslast.
De term ‘12% bijtelling’ is daarom onjuist. Het percentage van 12% hoort bij de nieuwe werkgeversheffing; de bestaande bijtellingsregels voor de werknemer blijven daarnaast gelden.
Voor welke auto’s geldt de extra belasting?
De regeling geldt voor personenauto’s waarvan uit het kentekenregister niet blijkt dat ze 0 gram CO₂ per kilometer uitstoten. Hieronder vallen:
- Benzineauto’s
- Dieselauto’s
- Reguliere hybrideauto’s
- Plug-inhybride personenauto’s
- Gebruikte fossiele personenauto’s die vanaf 2027 voor het eerst door de werkgever ter beschikking worden gesteld
Het hoeft dus niet om een nieuwe leaseauto te gaan. Ook een gebruikte benzine-, diesel- of hybrideauto kan onder de pseudo-eindheffing vallen.
Volledig uitstootvrije personenauto’s, zoals volledig elektrische auto’s, vallen niet onder de heffing wanneer in het kentekenregister een uitstoot van 0 gram CO₂ per kilometer staat.
Geldt de regeling ook voor hybride leaseauto’s?
Ja. Zowel reguliere hybrides als plug-inhybrides hebben directe CO₂-uitstoot en vallen daarom in beginsel onder de heffing. Dat een plug-inhybride een deel van de ritten elektrisch kan afleggen, maakt voor deze regeling geen verschil.
Alleen overstappen van benzine of diesel naar hybride voorkomt de extra belasting dus niet. Daarvoor is een volledig uitstootvrije personenauto nodig.
Wanneer geldt de heffing niet?
De pseudo-eindheffing geldt niet wanneer een auto uitsluitend voor zakelijke ritten ter beschikking wordt gesteld. Woon-werkverkeer geldt hierbij echter als privégebruik.
De wet spreekt specifiek over personenauto’s. Bestelauto’s vallen niet automatisch onder deze regeling. Laat bij twijfel over de voertuigclassificatie of een bijzondere gebruikssituatie de gevolgen beoordelen door een fiscalist of salarisadviseur.
Hoeveel bedraagt de extra belasting op een leaseauto?
Bij een volledig kalenderjaar bedraagt de pseudo-eindheffing 12% van de cataloguswaarde. Voor personenauto’s die meer dan 25 jaar geleden voor het eerst in gebruik zijn genomen, wordt uitgegaan van de waarde in het economische verkeer.
| Cataloguswaarde | Heffing per jaar | Gemiddeld per maand |
|---|---|---|
| €30.000 | €3.600 | €300 |
| €40.000 | €4.800 | €400 |
| €50.000 | €6.000 | €500 |
| €60.000 | €7.200 | €600 |
| €75.000 | €9.000 | €750 |
De heffing wordt per kalendermaand berekend. Staat een auto slechts een deel van een maand voor privégebruik of woon-werkverkeer ter beschikking, dan telt die maand onder de vastgestelde hoofdregel als een volledige maand.
Rekenvoorbeeld
Een werkgever stelt vanaf 1 januari 2027 een hybride leaseauto met een cataloguswaarde van €45.000 aan een werknemer ter beschikking. De werknemer gebruikt de auto ook voor woon-werkverkeer.
12% van €45.000 = €5.400 per jaar
Bij twintig vergelijkbare personenauto’s kan de aanvullende werkgeverslast oplopen tot:
20 × €5.400 = €108.000 per jaar
De financiële impact is daardoor vooral bij grotere wagenparken aanzienlijk.
Wanneer gaat de regeling in en hoe werkt het overgangsrecht?
De pseudo-eindheffing gaat in op 1 januari 2027. Vanaf die datum geldt de heffing in beginsel voor niet-uitstootvrije personenauto’s die de werkgever voor het eerst aan een of meer werknemers ter beschikking stelt voor privégebruik of woon-werkverkeer.
Voor auto’s die vóór 1 januari 2027 al door dezelfde werkgever ter beschikking zijn gesteld, geldt overgangsrecht. Volgens de vastgestelde regeling loopt dit tot 17 september 2030.
Het overgangsrecht is gekoppeld aan de auto en de inhoudingsplichtige. De auto mag tijdens de overgangsperiode naar een andere werknemer binnen dezelfde organisatie gaan. Wordt de auto door een andere werkgever met een ander loonheffingennummer ter beschikking gesteld, dan vervalt het overgangsrecht in beginsel.
Voorbeeld overgangsregeling
Een werkgever stelt op 1 oktober 2026 een benzineauto aan een werknemer ter beschikking. Omdat de auto vóór 1 januari 2027 door dezelfde werkgever in gebruik is genomen, valt deze onder het overgangsrecht.
Een vergelijkbare auto die pas in februari 2027 voor het eerst door de werkgever ter beschikking wordt gesteld, valt direct onder de pseudo-eindheffing.
Welke aanpassingen zijn in juni 2026 voorgesteld?
Het kabinet heeft in juni 2026 aanpassingen aangekondigd om praktische knelpunten te verminderen. Het voorstel bevat onder meer:
- Verlenging van het overgangsrecht tot 1 januari 2031
- Een uitzondering voor tijdelijk vervangend vervoer bij schade, reparatie, onderhoud of een bandenwissel, voor maximaal 14 aaneengesloten kalenderdagen
- Tot 1 januari 2031 een beperkte vrijstelling voor één terbeschikkingstelling van maximaal 7 aaneengesloten dagen per kalenderjaar
- Een vrijstelling voor bepaalde lesauto’s
- Behoud van overgangsrecht in specifieke situaties rond fusies en overnames
Deze wijzigingen waren op de datum van de laatste update nog voorstellen en moeten in wet- of regelgeving worden verwerkt. De hoofdregel, 12% vanaf 1 januari 2027, staat wel vast.
Wordt elektrisch leasen verplicht vanaf 2027?
Nee. Werkgevers mogen ook na 2027 een benzine-, diesel- of hybrideauto aanbieden. Wanneer een werknemer deze auto ook voor privégebruik of woon-werkverkeer mag gebruiken, kan de werkgever er wel pseudo-eindheffing over verschuldigd zijn.
De regeling werkt daarmee als financiële stimulans. Bij een vergelijking tussen fossiele en elektrische auto’s is het verstandig om niet alleen naar de leaseprijs te kijken, maar ook naar:
- De pseudo-eindheffing
- Brandstof- en energiekosten
- Onderhoud
- De inzetbaarheid van de voertuigen
- De investering in laadpunten
- Beschikbare netcapaciteit
- Registratie en verrekening van laadkosten
Een elektrische auto is niet in iedere situatie automatisch goedkoper, maar het ontbreken van de pseudo-eindheffing kan de totale kostenvergelijking duidelijk beïnvloeden.
Zo bereidt u uw wagenpark voor op 2027
1. Inventariseer de huidige auto’s
Leg per personenauto vast:
- De aandrijving en cataloguswaarde
- De datum van eerste terbeschikkingstelling door de werkgever
- De einddatum van het leasecontract
- Privé- en woon-werkgebruik
- De huidige gebruiker
Zo ziet u welke auto’s mogelijk onder het overgangsrecht vallen.
2. Bereken verschillende scenario’s
Bereken per niet-uitstootvrije personenauto de verwachte heffing en vergelijk die met alternatieven, zoals een volledig elektrische auto, een mobiliteitsbudget of uitsluitend zakelijk gebruik.
Laat de fiscale gevolgen controleren door uw accountant, fiscalist of salarisadviseur.
3. Maak een meerjarenplanning
Kijk niet alleen naar 2027, maar ook naar de vervangingsmomenten in 2028, 2029 en 2030. Zo kunt u de overstap spreiden en voorkomen dat een groot deel van het wagenpark tegelijk moet worden vervangen.
4. Bereken de toekomstige laadbehoefte
Bepaal hoeveel elektrische auto’s dagelijks moeten laden, hoeveel kilometers ze rijden en hoe lang ze op locatie staan. Het aantal benodigde laadpunten hoeft niet gelijk te zijn aan het aantal voertuigen, zolang het beschikbare vermogen slim wordt verdeeld.
5. Controleer de elektrische installatie
Onderzoek hoeveel vermogen de bedrijfslocatie beschikbaar heeft en houd rekening met andere verbruikers, zoals machines, warmtepompen en toekomstige uitbreidingen.
6. Realiseer de laadinfra gefaseerd
Niet alle laadpunten hoeven direct te worden geplaatst. Bereid bij de eerste aanleg wel de verdeelinrichting, kabelroutes, laadsoftware en vermogensregeling voor op groei.
Welke laadinfrastructuur heeft een elektrisch wagenpark nodig?
Wanneer meer werknemers elektrisch gaan rijden, neemt de vraag naar laadpunten toe. Een toekomstbestendige oplossing wordt niet alleen bepaald door het aantal auto’s, maar ook door:
- De tijd dat voertuigen op locatie staan
- De gemiddelde dagelijkse afstand
- Het aantal gelijktijdige laadsessies
- Het gewenste laadvermogen
- De beschikbare netaansluiting
- Thuisladen en kostenverrekening
- Zonnepanelen en eventuele batterijopslag
Tek Power levert en installeert zakelijke laadpalen voor bedrijfswagens, werknemers en bezoekers. Daarbij wordt de laadoplossing afgestemd op het wagenpark, de locatie en het beschikbare vermogen.
Slim laden bij beperkte netcapaciteit
Met dynamic load balancing wordt het beschikbare vermogen automatisch verdeeld over het gebouw en de laadpunten. Wanneer andere installaties veel stroom gebruiken, wordt het laadvermogen tijdelijk verlaagd. Zodra er capaciteit vrijkomt, kunnen de voertuigen sneller laden.
Dat helpt om overbelasting te voorkomen, het beschikbare vermogen efficiënter te gebruiken en een netverzwaring mogelijk te beperken.
Is de aansluiting structureel te klein of heeft uw bedrijf te maken met netcongestie? Dan kunnen gepland laden, prioritering van voertuigen, zakelijke zonnepanelen, een energiebeheersysteem of een zakelijke batterij onderdeel van de oplossing zijn. Lees ook meer over oplossingen voor netcongestie bij bedrijven.
Voor personenauto’s die meerdere uren geparkeerd staan, zijn AC-laadpunten doorgaans geschikt. DC-snelladers zijn vooral relevant wanneer voertuigen kort op locatie zijn of snel opnieuw inzetbaar moeten zijn. Omdat snelladen veel vermogen vraagt, moet de volledige elektrische installatie vooraf worden beoordeeld.
Uw wagenpark voorbereiden op elektrisch rijden?
Verwacht u de komende jaren meer elektrische lease- of bedrijfsauto’s? Tek Power brengt in kaart hoeveel laadpunten u nodig heeft, welk vermogen beschikbaar is en hoe u de laadinfrastructuur schaalbaar kunt inrichten.
Veelgestelde vragen
Disclaimer
Dit artikel bevat algemene informatie en is geen fiscaal, juridisch of financieel advies. Wet- en regelgeving en aangekondigde wijzigingen kunnen veranderen. Laat de gevolgen voor uw situatie beoordelen door een accountant, fiscalist of salarisadviseur.
Ontdek andere interessante blogs

Netcongestie oplossingen voor bedrijven: wat werkt echt?
Het elektriciteitsnet zit vol. Steeds meer bedrijven in Nederland lopen vast: geen nieuwe aansluiting, zonnepanelen die niet kunnen terugleveren, uitbreidingsplannen [...]

Grootschalige batterijopslag voor bedrijven: toepassingen, voordelen en kosten
De energiemarkt verandert snel. Door de groei van zonnepanelen en windenergie neemt de druk op het elektriciteitsnet toe, terwijl [...]